Het drankje van Grootmoeder Wu


Ik zit op de wip en meneer Wu heeft geen haast.
Zijn vrouw, Ping, heeft het allemaal niet meer zo door, zij heeft iedere paar minuten een wee.
Ping en ik, we zitten naast elkaar op de driezitsbank, tenminste, ik zit op een puntje in het uiterste hoekje en Ping hangt schuin over twee zittingen tegelijk, haar kleine voeten bungelen over de rand. Ze heeft de ogen gesloten en een royale keurig gestreken witte zakdoek heeft ze met een simpel touwtje om haar voorhoofd gebonden. Soms kreunt ze zachtjes en wiegt haar bolle buik heen en weer, maar het meest van de tijd ligt ze volkomen roerloos met de zakdoek over haar ogen geschoven. Het is warm en we plakken aan de nepleren bekleding.
Familie Wu heeft de wens te kennen gegeven in het ziekenhuis te willen bevallen. Prima. Cultuur en gewoonte, in China beval je nu eenmaal in het ziekenhuis en daarbij, oma Wu heeft het bevolen en aan grootmoeders bevelen wordt nimmer getornd, ik snap het absoluut.
In de slaapkamer zag ik een bed, zo laag, het leek wel zònder pootjes. Het stond klem tussen lege verhuisdozen en volle kledingkasten en ik dankte oma voor haar gebod. Op de verloskamers kunnen we het bed elektrisch in alle mogelijke standen zetten en pak ik blindelings uit alle laatjes wat we nodig hebben. Hier in de huiskamer ruikt het naar lang gekookte rijst en vochtige aarde, ik kan de geur niet helemaal plaatsen en onderdruk de neiging om ergens een raam open te zetten. Ping wiebelt met haar voetjes tegen mij aan, ze heeft ruimte nodig voor de nieuwe wee, helaas ik kan geen centimeter verder opschuiven. Waar is meneer Wu gebleven?
‘Wuhuu? Wu, kunnen we gaan?’
Zijn voornaam is me ontschoten, of misschien is Wu juist de voornaam, hij luistert er in ieder geval wel naar. Hoofdschuddend komt hij uit de keuken gelopen. We kunnen nog niet vertrekken, het drankje is nog niet klaar.
Drankje?
Ik volg hem naar de keuken waar een pannetje op het vuur staat, Wu tilt voor mij het deksel op en ik zie een troebelig watertje borrelen met daarin een bruinzwart verkleurd stukje boomstronk, en zo ruikt het ook, natte schors. Is het gekookte boomschors, wat is het? En waarvoor is het?
‘Moet van oma.’
'Aha..'
Hoewel ik geen idee heb, lijkt me een simpel 'Aha' toch de beste reactie.




?:)

Drie in drie uur (3 en slot)


Vliegende Keep -achterwacht- Femke vloog na de geboorte van Colin naar de volgende dame in barensnood en was daar gestart met het coachen van de uitdrijving. Verloskundige Annemiek heeft net staan toekijken hoe haar stagiaire Annelies boerenbaby Anna op de wereld heeft geholpen. Two down, one to go!
Next chapter.


Als Annelies en Annemiek de hoognodige controles systematisch hebben afgewikkeld bellen ze Femke, of ze iets voor haar kunnen doen: 'Graag nog even langs bij familie III, vader, moeder en zoontje Cri, kijken of het daar allemaal goed verloopt'.
Onze kordate kraamverzorgster heeft alles onder controle, we rijden terug naar het dorp. Naar Charlotte, mevrouw III, en de kleine Colin Cri.
04.48: Mevrouw III ligt te stralen in haar bed. Ook daar heeft de kraamverzorgster het nazorgverloop volledig op de rails. Zo leert Annelies dat je bij drukte in het ziekenhuis even van verloskamer twee naar drie kan lopen. Maar dat er in de huispraktijk overzicht en improvisatietalent nodig is.
De weg kennen in de polder, je cliënten kennen, afwegingen maken, een goede samenwerking met je collega en de geweldige uitvinding van de mobile telefoon. Ze besluiten vervolgens te gaan kijken bij mevrouw II, Bonnie Bee, zouden de drie baby’s ook binnen drie uur geboren zijn?
05.00: Als Annelies en Annemiek bij familie Bee voor de deur staan horen ze nog geen babygehuil, eenmaal boven zien ze hoe het persen in volle gang is. Met de nieuwkomers erbij is de kraamkamer tot het laatste plekje bezet, maar hun hulp is gewenst. Deze dame krijgt haar kind niet cadeau. Bonnie werkt onverstoorbaar en keihard door onder alle aansporingen. Langs de zijlijn staan de toeschouwers te juichen: Femke, Annelies, Annemiek, oma-kraamverzorgster Bee en aanstaande vader Bart. De ramen beslaan ervan.
05.18: Annelies helpt mevrouw II, jullie inmiddels beter bekend als Bonnie Bee, als bij het inparkeren van een auto om het hoofdje geboren te laten worden.
‘Klein stukje nog, nog ietsje, toe maar, door gaan, ho, even wachten, doorgaan..’
Het is passen en meten maar het lukt.
Achttien minuten over vijf op de klok en een jongetje van meer dan acht pond als resultaat.
Na kleine Colin en boerendochter Anna is er nu de achtponder Bastiaan!
Alle drie jarig op deze gedenkwaardige negende april.
06.15: De vogeltjes fluiten alweer.
Onze drie dappere verloskundigen proberen nog even een uurtje droomloos te slapen terwijl de drie verse moeders A, B en C, trots liggen bij te komen van deze hectische nacht.
De ambtenaar van de burgerlijke stand zal wel denken: Was het volle maan?


:)

Drie in drie uur (2)



Verloskundige Annemiek en haar stagiaire Annelies waren met gas op de plank onderweg door de polder, onwetende collega Femke draaide zich nog een keer om in haar slaap.
De dames A, B en C in de ontsluitingsweeën, we gaan verder met het verhaal…

02.25: Aankomst op de boerderij, Annie Appel doet zelf open in een gebloemde pyjama. Aan haar buitenkant is niet te zien hoever ze in het baringsproces is. Bij inwendig onderzoek blijkt ze al NEGEN centimeter te hebben. Ze zet zelfs nog een kopje thee voor ons tussen de weeën door.
‘Een beetje afleiding is altijd goed toch?’
Annelies en Annemiek blijven bij haar. Alles klaarzetten en Femke waarschuwen.
02.30: ‘Femke, luister, je moet naar familie nummer drie, Cees en Charlotte Cri, ze willen in het ziekenhuis bevallen. Het is daar net begonnen. Wij blijven bij Annie Appel, die heeft bijna Volledige Ontsluiting, V.O. ja, maar… Bij jou om de hoek is ook nog Bonnie Bee, met minstens vier centimeter ontsluiting.’
Boodschap begrepen, over en sluiten, Femke kan op pad.
02.45: Aankomst Femke bij Cees en Charlotte.
03.08: Acht minuten over drie. Zoon thuis geboren bij familie Cri!
Ja, echt waar, beller nummer drie krijgt het eerst haar kind..
03.10: Sms’je van Femke dat alles snel gegaan is, gezonde jongen, en thuis. De tas stond klaar in de gang, iedereen in de startblokken om naar het Veluwe-Ziekenhuis af te reizen. Persdrang op de trap, terug in bed, kind geboren.
Colin!
Onze mevrouw I, Annie, start persen. Stagiaire en bijna afgestudeerde Annelies is ‘in charge’.
Zij begeleidde al heel vaak bevallingen in grote Belgische kraamklinieken, maar nog nimmer op een originele ‘Firma Appel en zoon Scharrelkippenboerderij’.
Annemiek houdt het callcenter van dienstmobiel, eigen mobiel de huistelefoon van familie Appel draaiende. Kraamverzorgster bellen, Femke smssen, en Bonnie moed inspreken. Want ze krijgt telefoontje van Bart, meneer II, de man van Bonnie Bee. Zijn melding betreft het volgende:
‘Het wordt nu toch heftiger. Hoe lang kan het nog duren?’
Na het sms’je van Femke over de voorspoedige geboorte van baby III, de kleine Colin Cri, (Die in dit verhaal eigenlijk baby 1 zou moeten heten…Maar ja, dan raken de lezers de draad misschien helemaal kwijt.) weten we in ieder geval dat Vliegende Keep Verloskundige Femke weer inzetbaar is. Terwijl Annelies Annie en Andreas coacht met persen, belt Hoofdcallcenter Annemieke met de ene telefoon om te vragen of Femke al zover is om naar Bonnie te gaan, terwijl ze, met de dienstmobiel aan het andere oor, samen met Bonnie een wee wegzucht, daar wordt om onduidelijke redenen de verbinding abrupt verbroken. Help!
Aan de andere lijn hoort de dienstdoende verloskundige goed nieuws van haar achterwacht.
Het licht kan op groen, want, hoera, Femke is net klaar met de hoognodige afwikkelingen van Charlotte, Cees en Colin Cri, zelfs de kraamverzorgster is tijdig gearriveerd, ze kan weer op pad.

03.15: Telefoniste Annemiek belt meteen familie Bee opnieuw, dat hulp onderweg is, en zo verneemt ze dat hun privé-kraamverzorgster, (Want namelijk ook de aanstaande oma, zeg maar oma Bee, is het verhaal nog te volgen?) net is gearriveerd.
03.45: Aankomst Femke bij familie II, Bart, Bonnie, en oma Bee, om de laatste centimeters met hen weg te zuchten.
03.48: Om twaalf minuten voor vier in de vroege ochtend legt Annie Appel haar eerste eigen ei. Wat in dit verhaal dus ook direct inhoud dat Annelies haar eerste Polderbaby op de wereld heeft gezet.
Annelies heeft rode blosjes op de wangen, zweetdruppels in de nek en een smile van oor tot oor.
‘Wat leuk, wat bijzonder, wat gaaf!’
Ja meid, wel even wat anders dan in een Belgisch ziekenhuis. Geen ruggenprik, geen vijf man personeel maar een kraamverzorgster die gelukkig goed op tijd is, geen grote lamp, beensteunen of babyhartmonitor. Om de wee luisteren met de doptone, niet inknippen, denken aan simpele dingen als verwarming omhoog, emmer met vuilniszak, kruiken vullen, niet knoeien op de beige vloerbedekking en als eerste mogen feliciteren met de pasgeboren dochter.
Anna!
Andreas deelt plechtig mede dat de Firma-naam vanaf heden ‘Appel en dochters’ zal gaan heten, nu ze, door de geboorte van Anna, zomaar een generatie zijn opgeschoven.
Verloskundige en stagiaire doen net of ze de stiekeme gelukstraan niet uit zijn ooghoek zien rollen. Firma Appel en dochters Scharrelkippenboerderij. Prachtig!

04.03:
Femke start met persen bij de Beetjes.

Het loopt alweer tegen de ochtend, maar de nacht is nog niet om…


:)

Drie in drie uur (1)


Vaak vragen aanstaande ouders wat hun verloskundige doet bij twee bevallingen tegelijk. Nu kan een verloskundige best meerdere bevallingen op een dag doen, mits er maar voldoende tijd tussen zit. Bij twee bevallingen die samen op gaan wordt het iets lastiger en zullen we een collega in moeten schakelen.
Gelukkig kennen we elkaar, de hoogzwangere dames en ons polderdorpje met zijn grote buitengebied, dus iedere vraag over ‘dubbel zitten’ kunnen we luchtig pareren.
‘Nee, bij twee tegelijk helpt de achterwacht degene die dienst heeft, maak je maar geen zorgen..’

Heel soms zijn –vooral- de aanstaande vaders er toch niet geheel gerust op en stellen aarzelend de vervolg vraag.
‘Maar wat als er DRIE dames tegelijk in barensnood verkeren?’
Deze vraag heb ik, de afgelopen twintig jaar dat ik hier als verloskundige werk, altijd nog naar volle waarheid kunnen beantwoorden met: ‘Dat is nog nooit gebeurd!’
Tot de memorabele nacht van afgelopen negende april...

Hier volgt de time-table van deze nacht.
19.00: Mevrouw I, ofwel Annie Appel, belt over gebroken vliezen. Geen weeën. Voor een gemiddelde verloskundige een voormelding om in het achterhoofd te bewaren.
21.30: Dienstdoende verloskundige, we zullen haar -als in alle verhalen- Annemiek noemen, heeft voor de nacht nog even contact met Annie. Water schijnt nogsteeds te stromen, buikpijn is er niet, tenminste..
‘Het lijken nu nog slechts lichte krampjes.’
Annemieke sms’t stagiaire Annelies dat ze er waarschijnlijk vannacht uit zullen moeten. Zij zetten beiden de telefoon op scherp, leggen hun kleding voor het grijpen klaar en wachten wakker (De ietwat onrustige ‘Oh jee, wanneer zullen ze bellen?’ Annelies.) of slapend (De ‘We zien wel waar het schip strand…’ Annemiek.) op de dingen die komen gaan.
00.40: Mevrouw II, we geven haar voor het gemak de naam Bonnie Bee, meldt dat ze wat weeën heeft. Een rommel melding, altijd handig, wordt voorlopig ook opgeslagen bij de afdeling ‘meldingen’ aan de achterkant van de bovenkamer van de dienstdoende verloskundige, zeker in combinatie met de volgende opmerking: ‘Het valt nog reuze mee, hoor, ik ben wel blij dat het begonnen is…’
Annemiek kijkt met één oog op de wekker, noteert vervolgens naast de ‘het is een beetje begonnen’- melding ook de bijbehorende tijd in haar hoofd en dommelt weer in om te dromen over een boom vol rijpe appels. In pyjama, op de blote voeten en met uitgestrekte armen staat ze klaar om de rijpste appels op te vangen, maar welke is het allerrijpst, welke zal het eerst vallen? Het is apart hoe de onrust tot in de dromen doordringt, al ben je quasi relaxed vlot in slaap.
Annelies schijnt nog wakker te liggen, adrenaline verhoogt de hartslag en waakzaamheid, het ongrijpbare van de toekomst, het leven van de dienstdoende verloskundige...
01.40: Annie Appel, ja juist, de eerste dame in dit verhaal, laat via de dienstmobiel weten dat ze nu wèl weeën heeft.
Annie is een struise boerin, woont in het buitengebied en gaat daar, op die verre boerderij, waar dagelijks sowieso 40.000 eieren gelegd worden, haar eerste kind baren. Verloskundige Annemiek haalt stagiaire Annelies op en ze besluiten voor ze het dorp uit rijden, voor de zekerheid, eerst even bij mevrouw II, Bonnie Bee, te kijken ook al heeft ze niet weer gebeld.
02.00: NA aankomst bij Bonnie, bijna vier centimeter ontsluiting.
‘Gaat nog prima.’
Weer vlot vertrek. Op naar de boerderij. Kijken hoe het daar is, als het daar doorzet zullen ze collega Femke wakker moeten bellen, met de mazzel dat Femke toevallig vlak om de hoek bij Bonnie Bee woont.
02.04: Telefoon! Man van mevrouw III (Crisis?!), in het verhaal wat begon bij A en B, geven we dit stel, hoe origineel, gewoon voor- en achternamen die beginnen met een C.
Cees Cri(sis), die meneer nummer III is en getrouwd met de bijna uitgerekende, maar het al dagen HELEMAAL ZAT zijnde Charlotte Cri is, meldt dat het weeënspektakel een beetje begonnen is. Het is nu een krap uur aan de gang. Annemiek en Annelies rijden net het dorp uit, en beloven hem dat er, hoe dan ook, binnen drie kwartier iemand op de stoep zal staan.
Onwetende Femke draait zich nog een keertje om in haar slaap…



:)