Raketje
Verloskoffer
De oude doos
Er was eens een tijd, dat mijn leven bestond uit een piepende semafoon en een hand vol kwartjes in de broekzak. Als de ‘pieper’ afging, veerde ik een halve meter in de lucht, zocht zo snel mogelijk een telefooncel, belde de alarmcentrale en vernam het adres waar er in barensnood op me gewacht werd. Later liet ik een telefoon in mijn auto inbouwen met een stoere lange antenne op het dak. Een geweldige uitvinding die zijn dienst al op de eerste dag van ingebruikname bewees.
Ik reed het dorp uit voor een kraambezoek in het buitengebied en hoorde via de centrale over heftige weeën bij ene familie de Groot. Aha, Hanneke en Eric. Ik toetste hun nummer in (van Handsfree had nog niemand gehoord) en kreeg een hijgende Hanneke aan de lijn. Haar zware manier van ademen deed mij subiet keren en met gas op de plank over de drempels in de nieuwbouwwijk hopsen, tegelijkertijd joelde ik handige instructies voor de barende in de hoorn, zoals: puffen-op-de-zij, inademen-door-de-neus, rustig-aan, je-doet-het-goed en ik-ben-er-zo. Zij riep: ‘Oeeeh!’ en gaf me door aan Eric. De aanstaande vader commandeerde ik over een sleutel in de voordeur, de verwarming omhoog en het optrommelen van een kraamverzorgster, bovendien kon ik hem geruststellen want huize de Groot kwam in zicht. Ik parkeerde schuin op de stoep en arriveerde op die manier zonder enig tijdsverlies en zo ook de kleine Rebekka.
Wie zou er destijds geloofd hebben, dat er tegenwoordig niemand meer zonder zijn [in de broekzak-passende] mobieltje de straat op gaat.
Vandaag begeleid ik een gezellige huiselijke baarkrukbevalling. Een spiegeltje waar ik normaliter af en toe mee om het hoekje kijk, is niet aanwezig. Lumineus idee! Ik zet mijn iPhone op filmen en richt hem zo dat ik perfect zicht heb op het vorderen van de geboorte. ‘Nou,’ grapt manlief, ‘volgende keer kan je gewoon thuisblijven, dan stel ik de camera in en hoor ik wel van afstand van je hoe ik het allemaal moet doen.’
‘Tuurlijk,’ speel ik mee, ‘dan hebben ze daar vast een app voor uitgevonden!’
Moeders zegt: ‘Oehhh! Let oooop!’ Ik leg mijn telefoon snel buiten spetterafstand, want daar komt het hoofdje, baby passeert op de ouderwetse manier, moeders grijpt en pakt en drukt het kindje onvoorwaardelijk aan haar borst. Hands-On-moederliefde. Aan die techniek verandert niets.
@poldervroedvrou
Dit was een kort verhaaltje uit de oude doos. De iPhone-bevalling in 2010 klinkt al als heel lang geleden. Hoe ik startte in 1990, zonder mobiele telefoon, was zelfs in een vorige eeuw. Wat vliegt de tijd. Onvoorwaardelijke moederliefde is gelukkig iets van alle tijden. De columns die ik voor de BlikOpZeewolde schrijf, geven de lezers op een luchtige manier een inkijkje in het bestaan van een dorpsverloskundige. Zo verzamelde ik alweer 10 jaar belevenissen. Volgende keer een bijzondere feestelijke special om dit te vieren!
De Wijze uit het Oosten
Een verlaat kerstverhaal, wat zijn aanvang had in de
warme corona-zomer en zich exact op 25 december voltooide in het Geboortehuis
met een gezonde zoon als resultaat. Laten we bij het begin beginnen…
Afgelopen zomer haalde een vader zijn dochter vanuit het
buitenland op. Zij werkte in Rome, en woonde daar samen met haar Roemeense
vriend. Een positieve zwangerschapstest en de commotie in de wereld bracht hun
toekomstplannen in een stroomversnelling. Opa-in-wording omzeilde Italiaanse
coronamaatregelen en trotseerde diverse obstakels om zijn dochter en haar
vriend thuis te halen. Een bravourestuk dat zeker geen sinecure bleek te zijn:
‘Maar voor je kind doe je alles hé.’ Dat vond ik sowieso al een mooi verhaal.
Het uitgerekende moment; ergens midden tussen 24 en 25
december. Als voorlopige werktitel kozen ze voor de gein Hesús, want niemand
verwachtte dat hij ook werkelijk in die nacht zou komen. Voorlopig bivakkeerden
ze gezellig bij de grootouders en sprokkelden hun volledige babyuitzet bij
elkaar.
Half december krijgen ze een eigen plekje om te wonen,
het is alleen net buiten ons dorp.
‘Ik hoop dat we bij jullie onder controle mogen blijven,
het voelt zo vertrouwd.’ verzuchtte Marie bescheiden. We bespreken de te volgen
tactiek in geval van het baren, de keuze wordt geboortehuis, slechts enkele
straten achter het nieuwe stulpje. Josh heeft intussen werk gevonden in
Zeewolde, dus om nog een paar maal naar onze praktijk te komen voor de
controles is geen probleem. Ik bekijk op Google-maps de wijk en de route en denk;
dat zal prima lukken. ‘Maar bel wel tijdig, dan spreken we eenvoudigweg in het
Geboortehuis af.’
Kerstnacht heb ik dienst en iets zegt mij dat we gegarandeerd opgeroepen gaan worden. Enkele dames zijn bovendien al danig overtijd. Praktijk-spoedberaad; we spreken af om onvoorwaardelijk achterwacht te zijn voor elkaar, ongeacht de feestdagen, feitelijk zoals altijd, en trouwens, we kunnen toch nergens op bezoek tijdens deze coronatijden. Mocht één van ons in het hospitaal zijn en een volgende barende heeft in het dorp verloskundige-hulp nodig; wij zijn paraat!
Als Marie belt, begint ze met een verontschuldiging: ‘Het
is vast nog niet zover, maar ik denk dat het begonnen is...’ Het is vier uur in
de nacht, maar jullie bevlogen beroeps-idolaat Poldervroedvrouw komt
enthousiast overeind: ‘Ha, ik wist het!’ en belooft allereerst naar la nostra
casa te rijden om eventueel aansluitend gezamenlijk naar het geboortehuis te
gaan. Ik voel me extra-relaxed vanwege de geregelde ‘Kerst’-achterwacht en toets
het adres in mijn TomTom en vertrek.
Mooier kan je het immers niet hebben; ver na de remslaap,
bijna uitgeslapen zelfs, in een heldere kerstnacht naar een geboorte. De radio
speelt ‘driving home for krismas’ kan het toepasselijker.
TomTom laat me om de wijk heenrijden en ik beland in een
kronkelige bochtige straat met links de even nummers, rechts schuttingen en
achtertuintjes. Ik vind het niet, was het nu toch een oneven nummer? Auto maneuvreren
in het eerste het beste parkeerplekje dan maar en uitstappen. Op de oprit staat
een Tesla, en het huisdeurbordje laat ‘Familie Foppen’ lezen. Niet goed, ik
besluit niet aan te bellen, maar Marie nogmaals te proberen. Ik krijg Joseph
aan de lijn, in zijn Roemeens-Italiaans vermengd met gebroken Engels probeert
hij mij door het laatste stukje van de route te loodsen.
‘I’ll turn on the lumina della macchina.’ Ik weet niet
exact wat hij bedoelt, vaagjes komt de betekenis boven. Ooit, in een vorig
leven was ik, als achttienjarige, au-pair bij een Milanese familie, doch mijn
Italiaans is intussen helaas wat arruginito geworden. Bij de volgende bocht zie
ik een rode Fiat met knipperende oranje verlichting. Quello intelligente!
De vergelijking van de wijzen uit het oosten die een ster
volgden om in de kerstnacht op de juiste locatie te geraken komt bij me op. De
voordeur staat al op een kiertje.
@poldervroedvrou
Jaarverslag van 2020
Het liefst kies je iets origineels, met een
waardevolle betekenis of een bijzondere klank. We hoorden korte namen;
Mia, Mae, Bas, Job, Loa, Sep en Evi die nu de jongste is in haar gezin. Enkele
originele dubbele namen zoals Conor-Joe en
Xaya-Liva. De letter X werd wel vaker gebruikt zoals bij Jax, of zelfs Jaxx met
dubbel X. De Y blijft een populaire letter, maarliefst 35 keer gebruikt, bijvoorbeeld
als startletter; Yara, Yassir, in het midden; Rylan, Mylanie, Syll, Tygo,
Bryan, Vaeya, Jaylen, of aan het eind; Anjey, Wesley, de tweeling Davey en
Daley, Djaivey, Djay, Donny, Bodey, Eloy, Joy, Jenny, de ultieme spellingstwist
kreeg Yezay; de Y aan het begin èn het eind.
Het start met een positieve zwangerschapstest. Na grapjes maken over de mogelijke naam van jullie toekomstige kind, wordt het waarachtig opeens tijd om een jongens- of meisjesnaam te kiezen! Waren jullie nog steeds verliefd op die ene voornaam waar je al jaren mee rond liep, of is het tijd voor een frisse wind? Misschien lukte het juist helemaal niet om iets stijlvols te bedenken, of zijn de namen die jullie pakkend vinden al gebruikt in vrienden- of familiekring. Bij de in Januari geboren tweeling werd er vanzelfsprekend dubbel gekozen; Lise en Tim, roze en blauwe muisjes.
Het jaar startte rustig, maar de wereld kwam na de carnaval
in een ongelofelijke draaikolk terecht. Wij verloskundigen roeiden met de
riemen die we hadden. Anderhalve meter afstand. Raamvisites in plaats van kraamvisite,
veel per telefoon, mondkapjes. Nieuwe termen als PBM, Aerosolen, IC-capaciteit,
Cohort-afdeling, COVID-19, ‘een Grapperhuisje doen’ op je bruiloft, de Intelligente
Lockdown. ‘Een vleermuis in de soep.’ is een moderne uitdrukking wat staat
voor: waar het zogezegd allemaal mee begon.
Nagenoeg alle letters zijn aan de beurt gekomen dit jaar
behalve de G, de U (eigenlijk al vele jaren) en de Z, terwijl die vorig jaar
bijna op de eerste plaats stond.
Op een alleraardigst geboortekaartje lazen we deze
waarheid: ‘Grote avonturen beginnen klein.’, maar de kleinste van het jaar was
de vroeggeboren Niek, lichter dan zeven ons. Op vijf december kwam Nikolas, hij
deelt zijn verjaardag met Jesse, wat ook meteen de meest gekozen naam is van dit
jaar.
Regelmatig gegeven namen zijn ook Sepp: ‘Hoort bij ons.’ en
Luca: ‘Al ons later is met jou!’. Zeldzaam zijn Lieuwe: ‘Want als liefde leven
wordt, krijgt geluk een naam.’ en Rune: ‘Here comes the sun!’, met hun warme welkomst-regeltjes te lezen
op verschillende geboorteaankondigingen.
Zoveel kindjes waarvan de pappa of mamma niet uit Nederland komt. We spraken Portugees, Italiaans, Roemeens, Deens, Engels, Indonesisch, Pools en Syrisch, soms met hand en en voeten. Zwangere (aanstaande-) echtgenotes kwamen uit Zuid-Afrika, Ghana, China, Vietnam, Afghanistan, Turkije, Marokko, Venezuela, Rusland, Eritrea, Hongarije en Kosovo. Mede dankzij de Coronapandemie werden wereldreizen onderbroken en buitenlands-verblijvenden gerepatrieerd naar het veilige Holland.
Een bonk van een boerenzoon kreeg de naam Wessel,
vier-en-een-halve kilo op de weegschaal, door zijn twee oudere broers zal er
vast goed voor hem worden gezorgd.
Bij enkele kindjes staat een sterretje,
wij willen deze namen zeker noemen. De jongetjes Jesse, Olaf, Fynn en Jonathan,
zij horen erbij. Geen kind is zo aanwezig als het kind wat wordt gemist…
De eigenzinnige Q hoort bij
de knulletjes Quintley en Quinn eindigend met een dubbele medeklinker. Net zo
trendy als Sepp en de meisjes Tess, Solenn en Djezz. Wat is het verschil tussen
Oskar en Oscar, Sara en Sarah, Vinz en Vince, Feline en Felien, Eline, Emely of
Emilia? Of wat dachten jullie van zoon Miran en dochter Marin. Jidde en Hidde,
Jace en Jack, de jongetjes Jaimz, Jamie en meisje Jamie, Lizzie en Lizzy. Lieve
meisjesnamen voor de zevenponders Renske en Rinske, en een stoere mannennaam
voor de bijna-negenponder Renze. Luca, Lucas of kort maar krachtig Luuk,
Florian en Floris, Aiden en Alèn. Meisje Micah of jongetje Mike. Mila, Milo, Milou, Milotte, Marlotte, Charlotte of kortweg Lotte dan ben
je rijk genoeg.
De huidige trend bestaat uit het geven
van korte, krachtige namen. Wij zagen bijvoorbeeld Daan, Sem, Joep, Levi en ook
Mats kreeg een warm welkom. Namendeskundigen verwachten steeds meer uitzonderlijkheden,
waar we tot nu toe niet eerder van hoorden.
Rosa is al een prachtige naam, een dochter
na vijf broers noem je Rosaliyah. Bijzondere meisjesnamen met een eigen
betekenis, we houden ervan; Alysha, Shiyloh, Dyevahira, Cyarah, Chavella, Imani.
Maar ook zielsgelukkig zijn de ouders van Nova, zo lazen we op het kaartje en
of je nu Nova, Niva, Nora Nela, Lena, Noor of Naia met zijn Hawaïaanse naam en
Japanse roots, heet, ze zijn meer dan welkom in het pittoreske Zeewolde.
Jafeth is de
uitbreiding in het gezin. Jens, Jorim ‘God is verheven’, David of Psalm, want
dat had zijn moeder troost gegeven in de lastige zwangerschapstijd tijdens de
pandemie. Salomé, Felix de gelukkige, Dorian die lief klein en bijzonder is.
Daniël is de naam voor een Afghaans ventje maar het dorp kent dit jaar ook een
Hollandse Daniël.
Joëlle, de herhaaldelijk gekozen Julia,
het originele Kara of Kornelia. Wij begroeten onze beautifull Lana met ‘Welkom
Lieveling’ en signaleerden de esthetischverantwoorde geboortedatum 20-2
2020 voor Rivka.
Zoveel
keuzemogelijkheden; Ravi, Ramiz, Roan. Baby Rick, met een geinige walvis op
zijn geboortekaartje, wensen we een lang leven. Morten is in zijn element, en
Stefan is ook een boerenzoon met uitzicht op de weilanden.
Claris,
Claire, Chloë. Vivi had geen kaartje maar een heuse slinger waarop je kon
lezen: ‘Smallest-things-take-up-the-most-room-in-your-heart!’ Viënna, Veerle, Tina,
Tessa. Thomas kreeg een treinkaartje, Thije, Shane, Noud, Nolan, Menno, Mees,
Amar, Arthur, Bing, Boaz, Denver, zoveel krachtig-klinkende jongensvoornamen,
wat is er veel keus. Meer lettergrepen Benjamin, Ferdinand, Leander, Leonardo, Manoah,
Mohamed, Keano, Kitaro en Koray.
Bij de
geboortekaartjestrent viel het op dat de natuurlijke kleur groen vaak werd
gebruikt, soms met gouden accenten. Danée, Defne, Selen, Sterre, Pien en Puck meisjesnamen
die passen bij iedere eigen dochter, ze groeien er vanzelf in, lief en stoer en
met een individuele betekenis, Merel, Alana, Anouk. We hebben een Nederlandse
en een Poolse Olivia. Jasmijn is een geurende bloem, en Jorri bleek een
Syrische variant daarop. Voor het huis van Sanne
stond de grootste versiering; een opblaasbaby van vier meter hoog.
Coronababy; de zuigeling die vanaf half december
2020 ter wereld komt, waarvan de conceptie plaatsvond tijdens de periode dat
veel mensen als gevolg van de coronamaatregelen in thuisisolatie gingen. De tweede
Madelief, Ilie ons Kerstkindje, de Poolse Sofia en de laatst van het jaar
Santino komen hiervoor zeker in aanmerking. Om af te sluiten met het feit dat
er in de nieuwe Molenbuurt huizen werden opgeleverd waar ze direct weer babywiegjes
konden vullen, dat wordt dus ook een hele gezellige wijk.
Het leven wat doorgaat
Meestal gaan mijn stukjes over nieuw leven, geluk en voorspoed. Nu zou ik graag, in deze BlikOpZeewolde, stil staan bij deze overleden vrouwen en toelichten wat zij voor mij betekenden.
28 oktober stierf een zeer geliefde collega-verloskundige
uit Putten. Lize was degene die, tijdens een gezellige vroedvrouwenvergadering
waar bevallingsanekdotes en meegemaakte belevenissen over tafel heen-en-weer
vlogen, zei: ‘Later, als we met pensioen zijn, gaan we allemaal onze memoires schrijven.’
Waarop ik dacht; waarom later? Laat ik meteen beginnen! Al die jaren
corrigeerde zij punctueel de schrijffouten in mijn verhalen. Het was heerlijk
mijn schrijfsels te laten proeflezen door deze erudiete vroedvrouw met haar decennialange
kennis en kunde. Wij beleefden schik aan onze gezamenlijke liefhebberij van
schrijven over de verloskunde. Ook om op deze manier buitenstaanders van onze geboorte-avonturen
te laten meegenieten. Al in 2008 startte onze mailwisseling. Heel bijzonder
vond ik het, toen haar eigen dochter bij ons in Zeewolde stage kwam lopen. Hoe
trots kun je als moeder zijn, en hoe leuk dat ik ook over Ariëtte een hilarische
column mocht schrijven genaamd ‘MAND!’, waar ik in verhaalde hoe ze op
omslachtige wijze iets uitlegde wat gemakkelijk bondiger kon.
Mijn columns heeft Lize tot het laatst met veel plezier
gelezen, zeker toen ze ziek werd en niet meer werkte als verloskundige. Een uit
haar mond opgetekende epische anekdote bewerkte ik voor haar en illustreerde deze
met een op waarheid berustende originele tekening; hoe Lize, met grijze knot en
al, in klein beige autootje een baby met blote handen aanpakte omdat het ventje
plotseling met ongekende snelheid de binnenbocht door het baringskanaal nam. Onder
het licht van een Puttense lantarenpaal, bijgestaan door een ongeschoren vader.
Onbetaalbaar, in de categorie: ‘Je had erbij moeten zijn.’
Verbeterpunten, stijlfouten, komma’s, er komt genoeg bij
kijken om op een vlotte manier te schrijven. Waar een voorval zo uit de losse
hand op het papier lijkt te belanden, wordt over iedere zin, zelfs over iedere
spatie, nagedacht.
En nu over Margreet Kranenborg.
30 september is een prachtig mens heengegaan. Op haar
kleurrijke rouwkaart is het te lezen. Exact zo vormgegeven als Margreet in
gedachten had, vernam ik. Exact zoals ik van haar verwachtte, zoals ik haar
kende; de regie in eigen hand. Zij was degene die bij mijn boekpresentatie in
2011 vroeg of ik maandelijks een column in de ‘BlikOp’ wilde verzorgen. Een
column behoeft wezenlijk een hele andere techniek dan een verhaal, of een boek.
De anekdote moet staan binnen 650 woorden. Eerst kreeg ik minder ruimte, maar
ik onderhandelde met Max: ‘Man, binnen pakweg 400 woorden een zwangerschap én
bevalling én vervolgens een kind gezond en wel in zijn wiegje, dan worden het tot
vervelens toe staccato ‘MAND’-episoden. Dus kreeg ik iets meer zendtijd, en blijft
het passen en meten voor de kop-en-kont aan het verhaal, liefst inclusief lach en
traan.
Tegenwoordig pik ik een kleiner stukje uit een
gebeurtenis, een krakende ventilator of een bijna-lekke band, een ontsnapte
pony, ik word er steeds handiger in. Ooit had ik mijzelf beloofd om nimmer een
column over het schrijven van een column te schrijven, maar ik wil deze dappere
vrouwen op gepaste wijze herdenken. Memoreren hoe Lize en Margreet mij
bijstonden en ondersteunden in mijn verloskundige-schrijfcarrière.
Want onze ‘BlikOpZeewolde’-redactrice keek mijn artikelen
zorgvuldig na op typfouten, verschrijvingen en incorrectheden. Haar vertrouwen
in mij als simpele vroedvrouw, om me maandelijks de ruimte te geven de liefde
voor mijn vak uit te kunnen dragen, dank daarvoor. Ik mocht kerstspecials
schrijven, zonnige zomerverhalen en we kunnen alweer uitkijken naar de Namen-column
in de eerste editie van het nieuwe jaar. Het samenstellen van die special is
een jaarlijks terugkerend feestje voor onze verloskundigenpraktijk.
Afgelopen week, op vrijdag de dertiende, is mijn
buurjongentje geboren. Zijn komst maakte van deze datum de mooist mogelijke dag
voor de jonge ouders, om de column af te sluiten in de categorie: ‘Het leven
gaat door!’
@poldervroedvrou
Een Syrische thuisbevalling
Haar verhaal was, vanwege de taalbarrière, iets onduidelijk. De eerste keer was ze in een Syrisch ziekenhuis bevallen. De tweede keer in het huis van een Syrische dokter. Daar had ik mijn vraagtekens bij, maar in ieder geval geen keizersneden of problemen met inscheuren en nageboortes. Meneer Sharif koos voor het geboortehuis. Ik dacht hoe komen we daar tijdig, zonder vervoer en vanwege het ontbreken van geldmiddelen voor de vereiste eigen bijdrage. De bijna negen zwangere maanden, bezocht ik ze regelmatig thuis, voor mij makkelijk en zeker voor Omaira met haar lage ijzergehalte en moeheid. Service van onze verloskundige-praktijk zullen we maar zeggen. Collega had een compleet kraampakket voor haar, dus in geval van onverwachte thuisbaring hadden we in ieder geval materiaal als celstof-onderleggers, gaasjes en een navelklem
Zaterdagochtend belde Sharif, hij hoefde niet veel uit te
leggen: ‘Pain, Frauw, jij snel komen.’
Ik was net begonnen aan de zaterdagse kraamvisites en
reed van Polderwijk naar het centrum. Precies wetende waar ik moest zijn (in de
voorbije maanden vaak genoeg langs geweest) koerste ik direct richting huize
Sharif. Dochter deed open. ‘Mamma is hier, in de kamer.’
Omaira lag als een zielig diertje te woelen op de bank.
Dochterlief had zichtbaar medelijden met haar jammerende mamma.
Ik onderzocht mamma snel, buiten het zicht van dochter,
en constateerde ruim zeven centimeter ontsluiting. Vertrek naar het ziekenhuis
streepte ik meteen van mijn lijstje.
Ik vroeg Sharif welk kraambureau ze hadden. Hij wist het
even niet.
‘Misschien heb je een boekwerkje met de info gehad?’ Er
werd naarstig gezocht in allerlei laatjes en kastjes, een aantal mogelijke kraamcentra
noemde ik op maar niks deed een belletje rinkelen.
Omaira en ik togen naar boven.
Er was een piepkleine slaapkamer, waar een tweepersoonsbed klem stond tussen schuin
aflopend dak en een enorm kinderledikant vol met babybenodigdheden. Ik zag een
wipstoeltje, een babymobiel met kleurige plastic olifantjes, een berg kleertjes
in allerlei maten, een verfrommeld roze dekbedje
met bijpassende olifanten erop, dekens, okergele sierkussentjes en een paar groene
pakken kraamverband (drie-halen-twee-betalen). Er stond een commode tegen de
muur met meer babykleertjes plus waarschijnlijk kleding van de vorige dag, of
wasgoed ongesorteerd. Enfin: enige vorm van nesteldrang was dit huishouden
geheel vreemd gebleven.
De gekregen kraamdoos kwam goed van pas. De overtollige dekens,
dekbedden en kussens parkeerde ik in de kamer ernaast, een emmer met een
vuilniszak, een opgeruimd aankleedkussen, mijn verloskoffer, doptoneapparaat en
disposebels gaven mij mijn overzicht en rust in de hectische chaos. Er was een
kraamverzorgende onderweg hoorde ik van Sharif. ‘Super!’ complimenteerde ik
hem.
Omaira kermde en liet zich schuin op bed ploffen. Een
prima plek. De kleine vrouw lag dwars over het voeteneinde, dat paste precies.
Het harteklopje klonk gestaag door het apparaat. ‘Boinkboinkboink.’ Sharif en
dochter riepen verheugd tegen elkaar dat ze het baby’tje hoorden. Omaira kreunde
met meer lawaai, het leek van onder uit haar keel te komen. ‘Grrrrroooouw.’
Toen ik erbij kwam zitten, zakten we bijna door het bed. Een
badkrukje bood uitkomst, nu had ik mijn eigen zitplek en hoefde ik niet onhandig
op mijn knieën of met kromme rug te begeleiden.
Het was niet meer tegen te houden. We moedigden Omaira gedrieën
aan. ‘Yeaaah.’
‘Goed zo, hou vol, ik zie zwarte haartjes!’ Dochter hield
de handen voor haar ogen, Sharif hield hoofdschuddend zijn hand voor de mond.
Dit had hij nog nooit gezien.
En opeens was er een hele baby. Een mensje, een meisje.
Met een prachtig koppie krulhaar. Hard huilend kleurde ze al snel naar
dieproze. Ondanks de stapels babykleertjes was er geen enkele hydrofiele luier
te vinden. Ik wikkelde het kindje daarom in fleurig-gekleurde handdoeken.
Het stond haar schattig bij die zwarte natte lokken en
die grote donkere ogen die spiedend om zich heen leken te kijken. Wat een
beauty. Ze kreeg naar ik begreep een Syrische bloemennaam.
Welkom in Zeewolde.
@poldervroedvrouw

